Logo van de kerk
Home / Wie zijn we / Welkomstwoord

Welkomstwoord

Eenmaal in de twee maanden verschijnt in de het gezamenlijk kerkblad een welkomstwoord van de dominee. Hieronder volgt het meest recente. 

Welkomstwoord december 2017

Dr. Co

Onlangs zag ik bij toeval een korte documentaire, getiteld dr. Co. In  de film wordt een inkijkje gegeven in het leven van de 80-jarige dokter Co, die op zijn fiets door Amsterdam gaat om uitgeprocedeerde vluchtelingen en vreemdelingen  te helpen. Je ziet hem bij kaarslicht door een vochtige, ongure parkeergarage heen stommelen, om de mensen die daar wonen te bezoeken; je ziet hem aandachtig, ja zelfs geïnteresseerd toekijken bij twee intimiderend grote mannen, die op het punt staan stevig te gaan vechten en je ziet hem geduldig de voeten verzorgen van een man, die hem bijna als voetveeg behandeld. En ondertussen groeit bij jezelf als kijker de vraag: waarom toch, in godsnaam? Wat beweegt dr. Co om dit te doen? Want het is zwaar, niet vrij van risico en bij tijd en wijle dankbaar, maar misschien vaker nog ondankbaar werk. Tussen de scènes door wordt dr. Co geïnterviewd en hij zegt op een gegeven moment wat nadenkend: Tja, dat is één van die luchtkastelen die ik heb, dat het ooit één feestende bende wordt. Dat mensen gelukkig met elkaar zijn, elkaar kunnen knuffelen en lief vinden, dat soort dingen. Want dat gebeurt nog veel te weinig.

Dit indrukwekkende portret deed me denken aan een meditatie die de theoloog Oepke Noordmans ooit schreef over de oude Simeon, die in de tempel de pasgeboren Jezus aanschouwt. Noordmans schrijft daarin over ‘open leven’. Er zijn open en dichte levens, zegt hij. Iemand leidt een dicht leven, wanneer ieder jaar dat erbij komt wordt ervaren alsof het leven zich steeds meer sluit, alsof het steeds meer dicht gaat, mogelijkheden, kansen, dromen, steeds meer deuren worden er gesloten, dan leef je je leven alsof er ieder jaar een doodsplank aan je kist wordt bij getimmerd, aldus Noordmans. Maar je kunt ook ‘een open leven’ leiden, schrijft hij, wat voor hem samenhangt met geloven. ‘Het vergaat diegene als een bergbeklimmer, die, hoe verder hij gaat, des te hoger hij stijgt.

Dan wordt het uitzicht ruimer en de horizon wordt wijder. Dan vallen de grenzen van het leven weg en alles gaat open. Voor de gelovige wordt de doodskist niet betimmerd, maar afgebroken. Geloven is, in de woorden van Noordmans, zoiets als de kunst, de gave, buiten je eigen leven te kunnen kijken, weg van jezelf, je ogen gericht te houden op dat wat je overstijgt, op heil, heelheid en belofte, die boven je eigen geluk uitgaat. Of dat aan leeftijd gebonden is, zou ik niet durven zeggen. Misschien leer je met het verstrijken van de tijd wel meer over de betrekkelijkheid van de dingen. Er zijn allerlei dingen, waarmee wij ons een houding kunnen geven in de korte tijd van ons bestaan, maar als ze niet in de eeuwigheid verankerd zijn, geven ze slechts een schijn van leven, aldus Noordmans.

‘Open leven’, het roept wel meteen een verlangen op om zó als mens in het leven te staan. En daar hoef je heus niet dokter voor te zijn bij uitgeprocedeerden in Amsterdam. Dat kan ook op je eigen plek, binnen je eigen gezin, kerk, dorp en werk. Telkens weer je eigen kringetje, wereldje laten openbreken door dromen, visioenen, die groter zijn dan je eigen geluk en waar je in het heel klein dienstbaar aan kunt zijn. Ieder mens hier heeft een taak of taakje te verrichten, zegt dr. Co. In deze tijd van advent, van verwachting en de openheid van een pasgeboren kind, is het misschien een mooie vraag aan onszelf: waar is mijn leven te gesloten, te dicht geraakt, waar heb ik hoop opgegeven, waar ben ik vertrouwen kwijtgeraakt? En waar klopt God aan mijn deur om mij weer te openen? Voor mij deed Hij dat deze keer via dr. Co.   

Ds. Betty Gras