Logo van de kerk

overweging in 2021 op 18 april

Overweging 18 april 2021

Inleidende woorden

Het is daags na de kruisiging,
dood en opstanding van Jezus,
als een aantal van zijn leerlingen bij elkaar zitten.
Petrus lijkt het niet meer te houden en roept uit:
ik ga vissen, ik ga aan het werk.
En de anderen springen op en gaan met hem mee.

Het allerlaatste verhaal in het Johannes – evangelie gaat over Petrus, over die ene leerling van Jezus die overal vooraan staat, maar aan het einde niet meer weet waar hij het moet zoeken.
Een mens die is stukgelopen
en wat of wie kan hem weer heel maken?

We stappen in het verhaal,
als Jezus voor de derde keer verschijnt
als de Opgestane aan zijn leerlingen
en Petrus apart neemt.

Bijbellezing: Johannes 21: 15 – 24

Luisterlied: Mens van vlees en bloed, Stef Bos (Lied van Petrus)

Overweging

Het drong langzaam tot haar door dat ze geen kant meer op kon. Ze had zich een tijdlang gevoeld als een ober die een veel te hoge stapel borden met zich mee droeg. Als ze maar handig genoeg bleef bewegen en draaien, zouden die borden niet vallen. Maar nu was het moment dan gekomen dat met kletterend geraas alles op de grond zou vallen. En er was niets wat ze er meer aan kon doen.

Geen kant op

In haar boek “Vrijspraak voor losers ” vertelt dominee Nadia Bolz Weber, luthers predikant in Denver, Verenigde Staten in één van de hoofdstukken openhartig over hoe ze zichzelf in een onmogelijk parket heeft gemanoeuvreerd. Het liefste, leukste, meest toegewijde stel van haar gemeente heeft haar anderhalf jaar geleden gevraagd of ze hun huwelijk wil inzegenen. Omdat ze wisten dat hun dominee nogal drukbezet is, was dát het eerste wat ze regelden. Maar nu is diezelfde dominee erachter gekomen dat dat bewuste huwelijk midden in een tweeweekse conferentie in Australië valt, waar zij, Nadia Bolz Weber, de hoofdspreker is, iets wat ze ook al heeft toegezegd en waar inmiddels al duizenden dollars aan zijn gespendeerd voor de locatie en PR. Nee, de conferentie kon niet verzet worden, was het antwoord van de Australiërs op een mail van Bolz Weber. En nee, ze wilden niet een andere spreker.
En nog een keer nee, het lukt nu echt niet meer om het huwelijk te verzetten, Teveel vrienden en familie hadden hun agenda al op deze datum afgesteld, zei het lieve stel.  Dus realiseert Nadia zich dat ze geen kant meer op kan, zonder door de mand te vallen, zonder iemand teleur te stellen, en vooral zonder iemand te kwetsen.

Het drong langzaam tot hem door dat hij geen kant meer op kon. Eerst had Petrus het nog weg kunnen drukken door flink hard aan het werk te gaan, stoere visser als hij is, door zich overdreven enthousiast van de boot te storten toen hem werd verteld wie het was, die daar aan de oever stond en hen riep, en door zich te verschuilen in de groep tijdens de maaltijd en stiekem te denken: we hebben hem allemaal in de steek gelaten, stuk voor stuk, ik was niet de enige.
Maar als het eten klaar is, de netten aan de kant, het schip op de oever, dan weet Petrus dat hij geen kant meer op kan en dat hij onder ogen moet komen waar hij al die tijd voor op de vlucht is geweest. Hij die altijd vooraan heeft gestaan, hij die grote woorden in de mond heeft genomen, hij die heeft gezegd dat hij hem nooit, maar dan ook nooit zal verloochenen.

Kruis

Ik ben een weldenkend en welwillend mens. Over het algemeen, als er niet al te gekke dingen gebeuren, is dat het zelfbeeld waarmee we, bewust of onbewust, door het leven gaan. Het vormt een geruststellende gedachte over onszelf waardoor we niet voortdurend aan onszelf hoeven twijfelen en waarmee we iedere dag weer op kunnen staan, om het leven aan te gaan. Maar als we langer bij onszelf stilstaan ontdekken we dat naast al het goede dat er is er óók andere karakteristieken en gevoelens in onszelf zijn, we ontdekken ongeduld en leegheid, boosheid om van alles en nog wat, zoals gemiste kansen, stommiteiten en verkeerde keuzes, er zijn gevoelens van minderwaardigheid, of jaloezie, gemeenheid. Als we langer stilstaan bij onszelf, realiseren we ons dat we niet altijd degene kunnen zijn die we zouden willen zijn, dat we vaak maar half de persoon zijn, die we voor ogen hebben, dat we soms lang niet zo weldenkend en welwillend zijn als we zouden hopen.

Als we vandaag het verhaal van Petrus horen, die ontmoeting na alles wat er gebeurd is rondom het kruis en de opstanding dan gaat het erover dat niet alleen Jezus is gestorven aan het kruis, maar ook Petrus, althans, er is iets van hem gestorven daar op die dag, de oude Petrus die er was, de dappere, de trouwe, de gepassioneerde die is er niet meer, maar wie is er voor in plaats gekomen?
De nieuwe Petrus? De opgestane, de levende?

Nee, aan het begin van het verhaal zien we alleen maar een schim van de oude Petrus, degene die hard aan het werk gaat, degene die weet hoe hij moet vissen, of misschien zelfs dat ook al niet meer, degene die nog één keer zijn oude overmoed uitprobeert, door Jezus tegemoet te waden, maar merkt dat dat ook niet meer werkt.

Ik weet soms niet meer
wat mijn woorden nog waard zijn
weet soms niet meer
wat ik hier zoek.
Ik struikel en val
Ik sta op en ga verder
Ik ben een mens
Van vlees en bloed.

Zo zingt Petrus in het lied van Stef Bos, zo herkenbaar, zo menselijk, zo eerlijk.

Stuklopen

Soms loop je stuk, op het leven, op jezelf, en op de idealen, de verlangens en de hoop die je had voor beide. Jij die altijd alles kon, en voor wie nooit iets teveel was, jij krijgt een burn-out. Jij die altijd zo gelukkig leek in het leven, zo’n ideaalplaatje voor elkaar had, jij gaat scheiden. Jij die altijd alles op orde hebt, degene die nooit iets overkomt, die overal tussendoor glipt, jou overkomt dat ene verdriet dat je nooit had voorzien.
Op vele manieren kan een mens stuklopen op het leven en op zichzelf, bedoeld of onbedoeld, zelf gezocht of jou slechts overkomen, hoe het ook zij, de vraag is dan: hoe verder?
Diep in zijn hart moet Petrus het ook hebben geweten: zo kan het niet langer. Maar hoe verder?

Dat stuklopen op het leven en op jezelf, en op alle hoop en verlangens, alle idealen en beelden die je daar bij hebt dat wordt in het evangelie, in de bijbel verbeeld met het kruis.

Niet alleen loopt Jezus’ liefde - Gods liefde - stuk op de hardheid en het kwaad van mensen, daar aan het kruis, mét Hem lopen ook Maria van Magdala, Thomas en Petrus, én alle leerlingen die er bij zijn, ook stuk op het kruis en op alles waar dat kruis voor staat, verdriet, wonden, verraad, verloochening, dood.
Dat is dus niet alleen iets van toen, maar ook van nu, van ons, net zo goed. Iedereen loopt een keer stuk op het leven, op zichzelf. Iedereen laat een keer die veel te hoge stapel borden uit handen vallen, om met Nadia Bolz Weber te spreken, hoezeer je dat ook probeert te vermijden.

En hoe dan verder? Hoe pak je de draad weer op? Hoe ga je dan weer leven, écht leven? Daar gaat het in die verhalen na Pasen over.

U wéét, dat ik u liefheb…

Simon, zoon van Johannes, heb je me lief? vraagt Jezus aan Petrus. Een onmogelijke vraag, natuurlijk, wat moet Petrus daar nu op zeggen, het is de vraag die precies de vinger op de zere plek legt.
Had Jezus Petrus bestraffend toegesproken, had hij hem voor altijd verbannen, had hij hem nooit weer aangekeken, dát had Petrus begrepen, maar deze vraag…Heb je mij lief? En dan niet één keer, maar drie keer. Petrus snapt wel dat hij niet gewoon kan zeggen: Natuurlijk heb ik u lief, want dat houdt geen stand, dat weet hij uit ervaring, maar wat zal hij dan zeggen?
Uiteindelijk antwoordt hij: Ja, Heer, u weet ik dat ik van u houd.

Van zijn eigen liefde is Petrus niet zeker genoeg meer, daar is hij op stukgelopen, wat die liefde allemaal kan verdragen, Petrus durft niet meer op eigen kracht te roepen: Ik, ik heb u lief! Daarom speelt hij het als het ware over de band, En zegt: Ja, Heer, u wéét dat ik u lief heb. U weet het, u weet dat ik u liefheb en u weet óók wat die liefde van mij waard is. Ik weet het zelf nu als geen ander. Hoe het soms maar half de liefde is die ik zou willen geven, Hoe ik soms maar half de mens kan zijn, die ik zou willen zijn, U weet het.

Drie keer komt Petrus Jezus zó onder ogen, Of beter nog zichzelf, En drie keer geeft Jezus hem, zonder verwijt, zonder oordeel, zonder steek onder water, als antwoord dat er een weg verder voor hem, Petrus, is weggelegd, een taak, een opdracht.
Weid mijn schapen,
hoed mijn lammeren,
jij, ja jij, word herder van mensen!

Genade

Wat Petrus hier overkomt, wat hij hier ontvangt is, wat Nadia Bolz Weber het waardevolste, waardeloze gevoel ter wereld noemt, Petrus ontvangt “genade, dat oude bijbelse woord dat vaak zo veel associaties oproept, maar zo levensecht wordt wanneer er een menselijke ervaring, een menselijk verhaal aan gekoppeld wordt.

Ik vertel even hoe het verder ging met Nadia Bolz Weber, die Amerikaanse dominee.  Op het moment dat zij lamgeslagen thuis zit en niet weet hoe ze verder moet met de hele puinhoop, die ze er naar eigen zeggen van gemaakt heeft, ontvangt ze een berichtje van het bruidspaar:

Beste pastor Nadia,
Jeff en ik ontheffen je van je belofte om onze bruiloft te doen. Hoe pijnlijk dit ook is, we snappen dat onze voorganger in Australië nodig is. We houden van je. En we vergeven je.

We houden van je. En we vergeven je.
Zolang had ik geprobeerd die hele stapel borden helemaal zelf te tillen, schrijft Bolz Weber, het liefst wilde ik het allemaal zelf doen, zelf zijn en nooit een fout maken, zo vaak had ik over genade gepreekt naar anderen, maar toen ik het zelf nodig had, écht nodig had, toen was het het waardevolste, meest waardeloze gevoel ter wereld, als je begrijpt wat ik bedoel. Ik wilde het niet en toch wist ik dat het niet anders kon.

Het waardevolste, meest waardeloze gevoel ter wereld…

Omdat genade niet iets is wat je jezelf kunt geven,
niet iets is wat je ‘verdient ‘,
of waar je je op kunt beroemen,
of waar je recht op hebt,
nee, genade ontstaat in die wisselwerking
met een ander tegenover je,
iemand die jij liefhebt,
iemand die jou liefheeft,
iemand die jou niet definieert op de fouten
die je gemaakt hebt,
of de gemiste afslagen,
of zwakheden,
maar iemand die wil,
ja, die het jou gunt
dat je opstaat, leeft, en verder gaat,
iemand die jou levensruimte schenkt,
uit liefde, uit genade,
hoe dan ook.

Daar gaat het over, vandaag nog steeds, ook in ons leven over stuklopen, op het leven, op jezelf, én over verder kunnen, verder mogen, genade ontvangen en liefde, als mens van vlees en bloed, van een ander en God zelf.
Amen