Logo van de kerk

overweging in 2021 op 14 maart

Overweging 14 maart 2021,

4e zondag 40dagentijd.

Wie heeft je verteld dat je naakt bent?

Lezing Genesis 3: 8 – 11a en Kolossenzen 3: 12 - 14

Geliefde mensen van God, gemeente van Christus,

Het overkomt ons allemaal wel eens. Je bent ergens in een gezelschap, in een gesprek, tijdens een activiteit en ineens word je akelig bewust van je zelf. Door iets wat er gezegd wordt, iets wat er gebeurt, de blik van een ander en alles wat je daarin denkt te lezen, of gewoon door een gedachte die ineens door je hoofd flitst. Je kleurt, je begint te stotteren, slaat je ogen neer, of begint snel over iets anders, maar wat je ook doet, er is geen ontkomen meer aan, je wilt wel door de grond zakken want er is iets dat jou verteld heeft dat je in je nakie staat, zichtbaar voor iedereen. Natuurlijk niet letterlijk maar niet voor niets zijn er verschillende uitdrukkingen die aan dit soort situaties refereren, die daar wel mee te maken hebben, zoals in je hemd staan, of met de billen bloot.

Wie heeft je verteld dat je naakt bent? Zo vraagt God aan Adam nadat hij zijn mens heeft lopen zoeken en hem voor het eerst niet kan vinden. Een rake vraag want hierin zit precies die omslag die zo typerend is voor het verhaal uit Genesis, maar ook voor die omslag die ik zojuist schetste in situaties die we allemaal wel herkennen. Het ene moment is de naaktheid geen enkel probleem, je bent je er niet eens van bewust. Er is openheid en onbevangenheid, er is eenheid met de omgeving die je omringt en vooral: er is geen schaamte.
Tot ineens dat ene moment, die flits, soms maar iets kleins en je staat er totaal anders in: je wil wegkruipen, je verbergen, maar je kunt niet meer terug. En of dat je dat nu in heel lichamelijke zin opvat, het moment dat je bewust wordt van je eigen lichaam, je naaktheid en de schaamte die daar wel of niet bij hoort, of dat je dat meer in geestelijke, overdrachtelijke zin opvat, het proces is hetzelfde.
Wie heeft je verteld dat je naakt bent?
Tja, wie heeft je dat verteld?

Volwassenwording

In de Joodse traditie zijn die eerste verhalen van het begin een weerspiegeling van groei, van volwassenwording, van menswording met alles wat daarbij hoort, en zo begrepen is dit moment dat Adam hier ervaart voor het aangezicht van God een onvermijdelijk, menselijk moment op de weg van ieder van ons, in onze groei en volwassenwording. Lichamelijk of geestelijk, er is dat onomkeerbare moment van zelfbewustzijn, en wat daar in mee komt, namelijk dat je bij tijd en wijle in je nakie staat en waarmee je moet leren omgaan.

Ooit kregen we tijdens een cursus presentatie de opdracht om voor de groep te gaan staan en dan alleen maar staan, niets zeggen, niets doen, en de groep mocht naar je kijken, alleen maar kijken en jij naar hen. Ik heb nog nooit zoiets moeilijks gedaan, je staat dan figuurlijk gesproken helemaal open en bloot voor die ander, er gebeurt van alles met je, in je, op zo’n moment alleen al lichamelijk. Ergens is er blijkbaar iets in ons dat zich altijd ergens achter wil verschuilen. 

Wie heeft je verteld dat je naakt bent? Het paradijs schetst ons geen perfect plaatje, maar een plek waar het goed is. Maar het is blijkbaar geen plek om te blijven, wanneer we volwassen worden als mens, we moeten verder. Dat wij weet krijgen van onze naaktheid, onze kwetsbaarheid, onze broosheid als mens en daar van alles bij gaan voelen, vanaf onze prilste puberale onzekerheid tot het besef van ons ouder worden en onze aftakeling, over ons lichaam, het doet niets af aan dat we voor God goed zijn zoals we zijn. Dat is geen ontkenning of blindheid van God. Het doet er gewoon niet toe. Je mag er gewoon zijn voor God.
Een leven lang ben je op weg om hiernaar terug te keren, denk ik, naar dit paradijselijke begin, dit besef, er gewoon mogen zijn, in alle opzichten, maar dan op een volwassen, doorleefde, niet naïeve, kinderlijke manier.

Ik was naakt en jullie kleedden mij, zegt Jezus.

Het zijn bijzondere woorden als je beseft dat Jezus zelf het leven met ons deelt in onze meest kwetsbare, hulpeloze momenten, dat hij deelt in al die momenten van het meest ‘naakte’ bestaan, de momenten waarop je geen enkele bescherming voelt, door niets omhuld. Dat deelt Jezus met u, jou en mij.
Bij de lijdensweg van Jezus tot aan het kruis is er een ‘spel’ met kleding die hem wordt aangedaan en afgenomen. Eerst trekt men hem de koningsmantel aan en de doornenkroon als bespotting van wie hij zou zijn, vervolgens wordt dat hem weer afgenomen en wordt er om zijn kleed gedobbeld. Naakt sterft hij, zoals een mens naakt geboren wordt. Er is niets meer om je achter te verbergen, Jezus verbergt zich nergens meer achter.

Waardig

“Ik was naakt en jullie kleedden mij”.  Kleding heeft in de Bijbel te maken met menselijke waardigheid. Als iemand je kleedt, staat dat gelijk aan iemand in staat stellen om menswaardig te leven. Ik heb nooit zoveel mijn kleren gestreken en mijn schoenen gepoetst als toen ik tijdens mijn studietijd in Nicaragua naar de kerk ging. Ik kwam veel in pinkstergemeentes waar vooral het armere deel van de bevolking gemeentelid was en zij lieten mij voelen hoe zeer die gestreken, hagelwitte blouses en gepoetste schoenen niet een teken van ijdelheid waren, maar vooral van waardigheid. De boodschap dat God hen waardig vond, naar de maatstaf van het evangelie, en dat zij in Gods ogen niet buitengesloten, afgeschreven of ‘arm’ waren in welk opzicht dan ook, dat vertaalde zich naar de kleding die men aantrok als men naar de kerk ging.

De naakten kleden als werk van barmhartigheid heeft dus daarmee te maken. Wat heeft die ander in zijn of haar kwetsbaarheid, broosheid en hulpeloosheid nodig om zijn of haar waardigheid te houden of te hervinden? Laat je iemand in zijn hemd staan of schiet je hem te hulp? En waarmee kleed je hem of haar?
Of wat heb je zelf nodig “gekleed ” te zijn en te blijven in dit leven, oftewel om je waardig te voelen, en wie reikt je dit aan? Waarmee omhul je jezelf? Met welke dingen? En is dat waarmee je je wilt kleden?

Witte kleren

Soms als je in de winkel bent voor nieuwe kleren, als dat straks weer mag in elk geval, dan sta je al vaak weer te neuzen tussen de veilige, vertrouwde kleuren of kleren die je toch al vaker hebt gehad en dan wil het wel eens gebeuren dat de verkoper op je afkomt en je iets heel anders aanreikt. Iets waarvan je in eerste instantie zegt: nee, dat is niets voor mij. Maar misschien zal ze dan zeggen: Probeer het nou gewoon eens. Hou het eens voor je in de spiegel en kijk er eens naar.

Vanuit het evangelie wordt er vaak gesproken over kleding die ons wordt aangereikt. God die tegen ons zegt: Ik geef je witte kleren, teken van mijn luister, mijn heerlijkheid. Probeer het nu gewoon eens, hou het eens voor je, kijk in de spiegel hoe het je staat. De naaktheid van je bestaan, al die momenten dat je je onwaardig voelt, of beschaamd, bang om door de mand te vallen, of vreselijk gewoon, ik kleed je met het witte kleed van mijn liefde, en genade, want je bent waardevol, waardig voor mij. Daar heb je niets anders voor nodig.

Bekleed je, als Gods geliefden,
daarom met tedere ontferming,
goedheid,
nederigheid,
zachtheid en geduld,

zegt Paulus in Kolossenzen.
Omdat je weet hoe God je ‘kleedt’, omdat je weet hoe God je niet in je hemd laat staan als mens, ondanks alles wat je in jezelf meedraagt, word je gevraagd aan anderen dezelfde kleding aan te reiken, en zo barmhartig te zijn.

Kleed u in de liefde,
dat is de band, die u tot een volmaakte eenheid maakt,

zoals ooit in den beginne.
Geen vervreemding,
geen gevoel je te moeten verbergen,
geen schaamte,
geen angst.  

Amen