Logo van de kerk

overweging in 2020 op 1 november

Gedachtenisviering 2020

22 juni dit voorjaar was een gedenkwaardige dag. Na maandenlang eerst oplopende cijfers, en daarna toch een langzaam maar zekere daling, was het 22 juni dan zover. Voor het eerst kon er worden vermeld dat er die dag 0 coronadoden waren. Voor het RIVM was dat een kwestie van statistiek, een simpele optelsom van het aantal meldingen. En die kwamen die dag niet.
Maar voor de familie van Boy Ettema was het een klap in het gezicht. Want hij verleed aan de gevolgen van Covid -19 op diezelfde dag, 22 juni, na weken van spanning en onzekerheid.  Zo was afgelopen zomer te lezen in een indrukwekkend artikel over het sterven van Boy Ettema, 42 jaar oud en chirurgieverpleegkundige, in de laatste maanden op een covid-afdeling waar hij de besmetting opliep.
Aan de ene kant was er dat grote verhaal, de statistieken, het nieuwsbericht over 0 doden, aan de andere kant was er dat persoonlijke verhaal van Boy Ettema en zijn nabestaanden, hun verlies en verdriet en het verlangen dat hun zoon, vriend en broer gezien zou worden, en genoemd en niet vergeten, achter koude getallen.

Ik moest eraan denken omdat dit verhaal op een rake wijze de situatie tekent, de realiteit waarin wij dit jaar, vandaag hier samenkomen en degenen gedenken die ons lief waren. Aan de ene kant is de kwetsbaarheid van het leven en de hardheid van de dood dichterbij ons dan ooit, het is overal om ons heen, elke dag weer worden we er aan herinnerd door cijfers, statistieken, en een liveblog dat spreekt van zoveel doden en overlijdens. Het is de realiteit die ons angstig maakt en onrustig, Zeker ook omdat het niet te voorspellen is wanneer die realiteit ons eigen leven binnenkomt, én tegelijkertijd is het vaak ook te groot om te bevatten, te abstract. Alsof het niet altijd helemaal tot ons doordringt.
Hoe dan ook, het maakt dat alles dit jaar anders is, ook in het afscheid dat we hebben moeten nemen en de tijd daarna. Het gemis van een arm om je heen, het niet kunnen condoleren of meemaken van een afscheid, de schroom wellicht nog meer dan anders - om bij rouwenden op bezoek te gaan, de stilte in het huis en in je leven, die nog stiller is dan anders.

Maar tegelijkertijd is er die andere kant, waarin eigenlijk alles hetzelfde is. Achter dat grote verhaal is er vooral toch het persoonlijke verlies, dat telt en waar alles om raait, het verlangen dat die ene niet vergeten wordt, maar genoemd en gezien, dat die ene er nog steeds bij hoort, en nog steeds bij jou hoort als nabestaande en overal met je meegaat, zoals dat gedicht zo mooi zei. We sluiten onze ogen niet voor de realiteit van deze tijd, maar hier vandaag in Gods huis zijn het toch vooral de persoonlijke verhalen, één voor één, die tellen en gezien worden en gekend. Ook als die ene dierbare aan wie jij vandaag denkt tijdens deze viering niet genoemd wordt, dan toch zijn we hier met elkaar verbonden rondom dat vertrouwen dat ook hij of zij gekend wordt.
Dat wie hij of zij was, met het gezicht dat je zo voor ogen staat, de naam die nog altijd op je lippen ligt, niet alleen door jou, of de mensen om je heen, maar ook door God bewaard wordt voor altijd. Nooit is iemand voor God onderdeel van een statistiek, liveblog of nieuwsbericht.

We hoorden zojuist enkele woorden die Jezus spreekt tot zijn meest vertrouwde kring om hem heen op het moment dat hij bijna afscheid gaat nemen. Hoe het ook verschilt met ons in de tijden, cultuur en de beleving, waarin deze woorden opgeschreven werden, toch is tussen de regels door tegelijkertijd zoveel hetzelfde te merken van wat wij meemaken als we een dierbare uit handen moeten geven, de verwarring, de onrust het je niet kunnen voorstellen hoe het zonder die ene nu moet, het verdriet en ook de vragen die je vroeger of later beginnen te belagen, waar is hij of zij heengegaan? Waar is hij of zij gebleven? Het kan toch niet zo zijn dat zoveel eigenheid, zoveel levenskracht, zoveel liefde in het niets verdwijnt met het uitblazen van de laatste adem.

Die kluwen van verwarring, vragen en verdriet van de leerlingen toen rondom Jezus is nog steeds wat wij zelf ook herkennen als we afscheid van iemand hebben genomen en misschien nog wel meer als de tijd vordert, als de eerste maanden, of jaren voorbij zijn, wanneer het definitieve in volle hevigheid tot je door dringt.
Dat Johannes jaren na zijn overlijden de woorden rondom Jezus’ afscheid opschrijft, en dat daarin na al die tijd nog steeds het verdriet en de verwarring en de vragen doorklinken, dat laat zien hoezeer dat er bij hoort, erbij mag horen ook en hoe dat niet is op te lossen of glad te strijken met al te makkelijke antwoorden of overtuigingen, of flinkheid van welke soort dan ook. Er loopt geen rechte weg door het doolhof van verdriet.

En toch spreekt Jezus met het oog op zijn afscheid over een kracht, een aanwezigheid, een geheim dat het vertrek van hem anders zal maken voor hen die achterblijven, daar is hij van overtuigd. Ja, zegt Jezus zelfs op een gegeven moment: het is goed voor jullie dat ik ga, iets wat net zo onvoorstelbaar in de oren van de leerlingen toen als in de onze nu moet hebben geklonken: hoe kan het ooit goed zijn dat iemand van wie je houdt gaat? Ook al weet je dat die dag ooit komt.
Dat kan alleen maar begrepen worden als je het verbindt met die kracht, die aanwezigheid, dat geheim waar Jezus telkens weer over spreekt als zijn afscheid ter sprake komt. Jezus vertelt telkens weer over de komst van de Parakleet. Als ik weg ga, komt de Parakleet, zegt hij. De trooster werd er vroeger vertaald, de pleitbezorger staat er in onze tekst, een metgezel, las ik deze week, hoe dan ook, gestalte van Gods Geest, van Gods nabijheid die op een of andere manier de plek, de leegte, de afwezigheid van Jezus in het leven van zijn vrienden omarmt, vergezelt, anders maakt en tot vervulling brengt.  Ook al is er niets of niemand op de hele wereld,  die de lege plek die iemand achterlaat kan opvullen of vervangen, en dat moet je niet eens willen proberen, toch, vertelt Jezus, is die leegte niet alleen maar leeg, die lege plek die iemand achterlaat is als het ware geladen, als een soort energieveld,  geladen met kostbare herinneringen, inzichten, kracht, of vragen en pijn, Juist die leegte in ons leven dat is de plek waar God dichtbij komt, dat is de plek waar Gods Geest ons aanraakt, waar een werkzame kracht van uitgaat, verbonden met die ene die we zo missen.

Dat kan zijn wanneer je merkt dat juist in de afwezigheid van die ene je meer begrijpt, meer ziet van wie hij of zij voor je geweest is, meer dan toen hij of zij nog bij je was. Iemand komt dichterbij dan ooit.
Dat kan zijn wanneer je merkt dat wonderlijk genoeg barrières waar je bij leven nooit aan voorbij kwam, muren waar je telkens weer tegen aan liep, wegvallen of transparanter worden of afbrokkelen, nu die ene er niet meer is. Frustratie verandert soms wonderlijk genoeg in compassie, vanzelfsprekendheden veranderen soms in bronnen van verwondering, hoe heeft ze dat ooit volgehouden, wat heeft hij dat toch altijd trouw gedaan. Heb ik daar voldoende oog voor gehad?
De leegte die iemand achterlaat is niet alleen maar leeg en statisch, maar als het ware een krachtenveld, dat voortdurend in beweging is, dat jou nog op allerlei manieren tegemoet komt, dat jou begeleidt en ook op kan tillen, je kan helpen stap voor stap verder te gaan op je nieuwe weg, 

Een leegte, ja een leegte, maar tegelijkertijd geladen met de Geest van God, zo belooft Jezus, die werkt, en je aanraakt, troost en een metgezel is door alles heen.
Voor die bijzondere ervaring dat onze gestorven geliefden en ook Jezus niet verdwenen zijn, maar samen met God om ons heen zijn, ja dichterbij dan ooit, voor die bijzondere ervaring vertelt Jezus ons over de Parakleet, Gods Geest die als een metgezel met je optrekt, en in je blijft in verbondenheid met die ene, Gods troostende Geest die je niet alleen laat, ook al voel je je tot op het bot eenzaam, Gods Geest die je telkens nog laat leren, en laat groeien in die weg die je met hem of haar ging, ook al lijkt die weg voorgoed voorbij.

Daarom noemen we vandaag hun naam, ontsteken een licht.
Zij zijn en God is dichterbij dan ooit.

Amen