Logo van de kerk

overweging in 2017 op 4 juni Pinksteren

Overweging 4 juni 2017 Pinksteren

Lezing 1 Korinthiërs 12: 12-27 en Handelingen 2: 1-13

Beste gemeente, u bent, wij zijn samen het lichaam van Christus.

Dat schrijft Paulus vandaag in zijn brief aan de gemeente van Korinthe. Net als een dominee op haar preek, heeft Paulus, zo stel ik me voor, zitten broeden op welke manier hij zijn hoorders mee kan krijgen, kan raken, kan bezielen.
En dat is hoognodig, want het rommelt en rammelt van alle kanten in die gemeente van Korinthe. Groepjesvorming, oordelen over elkaar, elkaar langs de meetlat leggen, de gemeente komt wel samen maar is niet werkelijk samen en dat moet anders, vindt Paulus.
Hij heeft de pijnpunten al in eerdere hoofdstukken benoemd, maar nu wordt het tijd om de gemeente te begeesteren, weer enthousiast te maken, dat betekent letterlijk “ in God ”. Nu wordt het tijd om de gemeente weer een positieve energie te geven en Paulus spreekt over die ene Geest van God die op allerlei verschillende manieren werkt, die ene Geest die vele gaven geeft aan een ieder en dan…

Beste gemeente, u bent, wij zijn het lichaam van Christus! En een ieder van u maakt daar deel van uit, een ieder van u, van ons.
Paulus zegt niet: jullie, wij zouden het lichaam van Christus moeten worden, of je zou het kunnen zijn als je dit doet of dat laat, nee, je bent het al, wij zijn het al, samen, en toch een ieder van ons op onze eigen manier.

Lichaam van Christus,
je eigen lichaam.

Hoe dat allemaal samenhangt en samenwerkt en samenvalt met elkaar, dat merk je vaak pas als één van de functies even of voorgoed uitvalt, één onderdeel, hoe klein soms ook werkt niet meer in je lichaam en je kunt al helemaal gevloerd zijn, je kunt gewoon niet buiten je lichaam om denken. Kent u dat geweldige gevoel dat wanneer je beroerd bent geweest, hoe je dan op een morgen weer wakker wordt en voelt dat het weer de goede kant opgaat? Dat de energie weer begint te stromen. Alles hangt met elkaar samen, alles werkt met elkaar samen.

Wij zijn lichaam van Christus, zegt Paulus, dat is in allereerste plaats misschien wel beseffen dat je onderdeel bent van een groter geheel, dat je niet geheel en al op jezelf staat, maar deel bent van iets dat groter is dan jij. Eén van de grootste energielekken, energievreters op bijvoorbeeld het werk is dat veel mensen wel heel hard op hun eigen plek aan het werk zijn maar zich niet meer verbonden voelen met een bron, een groter geheel. Ieder werkt op zijn of haar eigen eilandje maar voelt zich niet meer verbonden met de rest van het bedrijf, of je zou ook kunnen zeggen, zo gaat dat ook in de samenleving, of in de plaats waar mensen wonen, of de kringen waar je deel van uit maakt. Als er niet ergens een verbinding is met een bron die je inspireert, die je samen bindt, dan word je op jezelf teruggeworpen, dan keren mensen zich in zichzelf, je wordt wantrouwend, verdraagt niet veel van elkaar.

Lichaam van Christus ben je, zoals we samen zijn, zegt Paulus, we hoeven niet alle energie uit onszelf te halen, maar er is die Geest van God, die dit lichaam, dat soms vermoeid raakt, lijdt, niet compleet voelt telkens weer wil inspireren, doorwaaien, energie wil geven. Er is een bron die groter is dan wij zijn en dáárdoor hoor je bij elkaar.
Dat is een groot goed in een tijd waarin mensen toch vooral hun eigen kringen kiezen, eigen vrienden, eigen hobby’s, eigen maatschappelijke plek, werkkring mét alle energie die dat vraagt om die kringen in stand te houden.
Daar is helemaal niets mis mee, maar het is wel goed te realiseren dat de blikrichting in de kerk toch van een heel andere orde is, daar worden wij mensen aan elkaar gegeven, je kiest elkaar niet uit, maar toch heb je iets met elkaar, je hebt met elkaar van doen, sterker nog: je bent onlosmakelijk met elkaar verbonden.

Dat dat ook een opgave is, die verbondenheid met elkaar,

dat hoeven we maar aan de gemeente in Korinthe te vragen, of soms uit onze eigen ervaring, want juist omdat je elkaar niet uitkiest kan het soms ook wringen en schuren. Bonhoeffer heeft het vaak over het lijden aan elkaar als gemeenschap, als kerk.

Nadenkend over kerk-zijn, gemeente-zijn en energie herken ik ook de ervaring dat er soms heel veel energie in gestoken wordt die niet altijd vruchtbaar lijkt te zijn, dat het soms ook een zaak van lange adem is, dat heel veel energie die mensen erin steken niet gezien wordt, niet gewaardeerd. Daarom is het ook zo belangrijk om telkens weer te realiseren dat het niet alleen van ons afhangt, dat we deel zijn van dat lichaam van Christus, niet alleen wij hier en nu in Zuidwolde, maar verbonden met de kerk van alle tijden en plaatsen. Het duizelt je toch als je alleen al bedenkt met hoeveel mensen we op een dag als vandaag verbonden zijn in het vieren van de Geest van God in ons midden. Daar gaat zo’n positieve kracht van uit, zo’n verlangen naar heelheid, recht, liefde, hoop.

Lichaam van Christus zijn leert ons ook telkens weer ruim te kijken, voorbij onszelf, ons eigen kleine kringetje.

Dan is er nog iets bijzonders met dat lichaam van Christus, en de energie die erin gestoken wordt, want er staat halverwege onze tekst zoiets dat de zwakste delen het meest noodzakelijk zijn, dat de meeste zorg uitgaat naar degene die tekort komt. Want anders verliest het lichaam zijn samenhang, zegt Paulus erbij. Terwijl in onze samenleving alle energie wordt gestopt in bij de sterkste te horen, bij de fitste, bij de meest succesvolle, gaat in dat lichaam dat Paulus noemt alle zorg, alle aandacht uit naar de zwakste, zij zijn het meest noodzakelijk zegt hij.

En zwak…dat moeten we eigenlijk tussen haakjes zetten, want wat is zwak, wat is sterk? Is degene die verzorgt sterkt en degene die verzorgd wordt zwak of is het juist veel krachtiger om je over te kunnen geven aan de zorg van een ander? Iemand vertaalde die woorden van Paulus als volgt, dat degene die geldproblemen heeft, degene die niet binnen de gebaande paden blijft, degene die te maken heeft met verdriet, met tegenslag, met ziekte, de vreemdeling, de vluchteling, dat de aanwezigheid van al diegenen noodzakelijk is omdat het ons eraan herinnert dat gezondheid, welzijn, voorspoed, vreugde, geluk, op geen enkele manier vanzelfsprekend zijn of een recht. Waar de zorg voor degene die “ zwak ” is, zeg ik nogmaals tussen aanhalingstekens, ontbreekt, waar dat uit zicht raakt, daar verliest het lichaam zijn samenhang, daar is geen verbinding meer.

Er zijn om ons heen in onze samenleving zoveel verborgen werelden op zich waar mensen op een of andere manier kwetsbaar zijn in het leven. Maar zoveel van die werelden lijken weggemoffeld, onzichtbaar gemaakt, minder gewaardeerd, omdat alle energie uitgaat naar wat mooi, sterk, succesvol is.
Ik herinner me hoe ontzet wij waren toen we kennismaakten met de wereld van pleegzorg en hoe je daar voor je gevoel, vanuit een gelukkige, stabiele jeugd, al die tijd aan voorbij had geleefd.
Paulus kijkt precies omgekeerd dan wij misschien geneigd zijn om te doen.
God heeft nu eenmaal alle lichaamsdelen hun eigen plaats gegeven, precies zoals hij dat wilde, schrijft Paulus. Met andere woorden, een ieder heeft zijn of haar eigen plek in dat grote geheel, zonder oordeel, zonder vergelijk, zonder de gedachte van meer of minder, beter of slechter.
Mooi beeld is dat, dat God je op je plek zet, niet op je nummer maar op je plek, dat er ergens een plek is waar alleen jij, zo uniek als je bent, precies past en niemand anders, precies zoals God je ten diepste kent. Dat is altijd een hele zoektocht voor een mens, waar is mijn plek, bij wie hoor ik, met welke taak, welke richting? Maar soms zijn er van die momenten dat het gaat stromen, dat je even aanvoelt: hier kom ik tot mijn recht, tot bloei, tot groei, hier kan ik mezelf zijn, nu ben ik waar God me hebben wil.

Als er iets is dat energie geeft, dan is dat het wel! Hoe meer wij, u, jij en ik op onze plek zitten, die ruimte ook in durven nemen, hoe meer dat ten goede komt aan dat gehele lichaam, hoe meer energie er gaat stromen, hoe meer de Geest aanwezig is. Het is bemoedigend, vind ik, dat God als het ware op die zoektocht met je meegaat, dat die ruimte, die openheid er voor jou is. Zoals Christus, zoals Jezus mensen hielp telkens weer om hun plek te vinden in het leven, hun ruimte in te nemen.

Gemeente, u bent, wij zijn het lichaam van Christus, niet van onszelf, maar van Christus met al het goede dat ons daarbij aan liefde, aan trouw en aan hoop geschonken wordt, dat ons dat de energie mag geven gaande te blijven, als gemeenschap, open te blijven ook voor de Geest van God en voor elkaar en voor ieder mens die op ons pad komt.

Amen