Logo van de kerk

overweging in 2017 op 15 januari

Overweging in 2017 op 15 januari

Lezing Johannes 2: 1-12
In deze dienst werden Elin Isabel Kruize en Maud Smits gedoopt.

Gemeente van onze Heer Jezus Christus

Als je eens ergens in vastgelopen bent

Als je even niet weet hoe je verder moet, dan kan het soms helpen om even terug te keren naar het begin. Of het nu om je werk, je relatie of andere keuzes gaat, die je hebt gemaakt in je leven, soms kan het helpen om terug te keren naar het begin. Waar was het je eigenlijk ook alweer allemaal om begonnen? Wat maakte je enthousiast aan de start, welke hoop had je, wat gaf je vertrouwen? Wat was de kern van de zaak en wat is er later allemaal om heen gaan woekeren waardoor die kern misschien wat zoek is geraakt? Lukt het je om daar weer bij te komen?

Als je eens ergens in vastgelopen bent, Als je even niet weet hoe je verder moet, dan kan het soms helpen om even terug te keren naar het begin, naar de basis.

Op deze zondag, aan het begin van het nieuwe jaar, aan het begin van Jezus´ weg, maar ook vandaag aan het begin van de levensweg van Elin en Maud, aan het begin van het evangelie, vertelt Johannes ons zo´n kern-verhaal, zo’n basis-verhaal, de bruiloft van Kana, ieder jaar wordt het weer gelezen in de kerk. Aan het begin van alles staat dit verhaal, over een boerenbruiloft in een boerengehucht, waar het niet eens zozeer gaat om de bruid en de bruidegom of hun familie, want die worden niet genoemd, maar waarbij alle nadruk in dit verhaal komt te liggen op wat Jezus daar doet, hoe hij zich toont.

Een verhaal over vreugde, over liefde, over een overvloed aan wijn, tekenen van het goede leven, dat door mensen gevierd en gedeeld kan worden. Het is het eerste teken dat Jezus doet, zegt Johannes aan het einde van het verhaal, in de zin van: het is waar het Jezus om begonnen is, waar het hem in de kern om gaat, het evangelie gaat niet voor minder dan die levensvreugde, die liefde, die overvloed.
Drie mensen komen in beweging in dat verhaal van Johannes. Door ons aan hen te spiegelen kunnen ze ons misschien helpen bij die kern, die inzet van Jezus en het evangelie te blijven.

Allereerst is daar Maria.

Het wonderteken mag dan op Jezus’ naam staan, zij, de moeder, zet alles in beweging. Met haar begint het. Juist in deze doopdienst is het mooi dat in dit verhaal Maria en Jezus, een ouder en haar kind, naar voren komen. Ze stapt op Jezus af en zegt: De wijn is op. Helpt ze hem op weg zijn roeping te verstaan? Laat ze merken dat ze vertrouwen in hem heeft, dat hij zich mag laten zien, nu zijn eigen weg mag gaan? In het voorbereidende gesprek hadden we het erover hoe je als ouder er onvoorwaardelijk voor je kind wilt zijn, hoe je, zoals jullie straks zullen beloven, de weg wilt eerbiedigen die je kind zal gaan, welke dat ook is. Maar ook hoe ongelooflijk spannend dat is, zo’n belofte die je doet, waarvan je nog niet werkelijk de diepte en reikwijdte kunt voelen, Elin en Maud zijn nu nog zo dichtbij, zo op je aangewezen.

Uiteindelijk is een kind niet het project van zijn of haar ouders, niet geboren om hun verwachtingen waar te maken, maar met vallen en opstaan mag het zijn of haar eigen weg en bestemming te vinden. Het voelt alsof we met de doop haar teruggeven aan God, zei één van de doopouders. Hoe zeer een kind ook bij je hoort, je er ook verantwoordelijkheid voor draagt, zeker in het begin, uiteindelijk is het een kind van God, in de vrijheid en het leven gezet om in Gods ogen te worden zoals hij of zij bedoeld is.

Mijn tijd is nog niet gekomen, zegt Jezus tegen zijn moeder. Durf je als ouder te wachten tot je kind de dingen op zijn of haar eigen tijd doet, en niet op jouw tijd? Of als partners van elkaar? Of als vrienden? Zelfs als je ziet dat de wijn begint op te raken, dat de vreugde wegvloeit, dat alles in het water dreigt te vallen.

Dan zijn daar de bedienden.

Zij zijn degenen die zich laten inschakelen, die al aan de slag gaan zonder precies te weten wat het zal opleveren, wat voor resultaten het zal geven, ga er maar aan staan, zes van die enorme vaten vullen met ongeveer 100 liter in een land waar water geen vanzelfsprekendheid is. Ze beginnen gewoon omdat ze ergens het vertrouwen hebben dat het goed is wat ze doen. Die houding van de bedienden  lijkt steeds zeldzamer te worden in onze tijd, onze tijd die vaak heel resultaatgericht is. Als we niet weten wat het ons oplevert, dan beginnen we er niet meer aan. Die houding sijpelt soms ook door in ons geloven, in onze houding naar de kerk, wat levert het op om te geloven, wat haal ik er uit als ik naar de kerk ga, of als ik mij inzet voor de gemeente.

De houding van de bedienden is een andere: Wat kan ik geven van mijzelf om mee te werken aan het goede leven. Wat kan ik inbrengen aan inzet en trouw, waaraan en hoe kan ik meewerken als ik vertrouw op Jezus’ woorden, ook al weet ik nog niet precies wat en hoe het iets zal opleveren. De houding van de bedienden is niet zozeer: wat kan ik eruit halen, maar wat kan ik bijdragen, wat kan ik geven van mijzelf?

Tot slot is daar Jezus zelf.

Wat mij treft in het teken dat Hij hier doet is de overvloed ervan, de gulheid, de ruimhartigheid, 6 vaten tot de rand toe gevuld als teken van de overvloed van Gods liefde. Wij kunnen soms zo berekenend of op voorwaarde met onze liefde of vriendschap omgaan. Jezus schenkt juist zonder voorbehoud, onvoorwaardelijk Gods liefde, hij stroomt als het ware over.
Als er straks gedoopt wordt, verbeelden we die onvoorwaardelijkheid van Gods zijde door eerst te dopen en dan pas de geloften te doen. Als het andersom zou gaan, zou je nog kunnen denken dat het in de doop afhangt van ons ja tegen God, maar zo gaat Gods ja aan alles wat wij doen vooraf.

Niet voor niets gebruikt Jezus daarvoor die watervaten, die daar staan voor het reinigingsritueel. Levensgroot staan ze daar op die bruiloft als iets waar je niet om heen kunt. Iedere gast moet daar stilstaan om zich te reinigen voor het feest. Ze zijn hét symbool voor de inspanning die mensen, toen en nu, denken te moeten doen om die onvoorwaardelijke liefde van God te verdienen, om rein en zuiver voor God te kunnen verschijnen. Die vaten staan symbool voor onze gedachte: Ik moet zelf alles van mij afspoelen, alle tekort, alle gebrokenheid voordat ik mee kan doen aan dit feest, aan deze bruiloft van God en mensen.

Daarom gebruikt Jezus juist die watervaten. Hij verandert hun functie. Niet langer zijn ze meer het symbool van onze inspanningen, van ons streven om dicht bij God te komen, maar ze worden symbool van Gods inspanning om dicht bij mensen te komen. Gods overvloed aan liefde die zomaar om niet wordt uitgedeeld en die mensen verwonderd, verrast en verheugd ontvangen, zoals die ceremoniemeester dat verwoordt: je hebt geen idee waar de wijn, waar die liefde vandaan komt, maar ze is er, overvloedig. Die liefde van God reinigt ons meer dan al het water dat wij aandragen ooit kan doen.

Als je eens ergens in vastgelopen bent, Als je even niet weet hoe je verder moet, dan kan het soms helpen om even terug te keren naar het begin.
Vandaag schrijven we met de doop in het levensboek van Elin en Maud, zo’n verhaal van het begin, waar het om begonnen is, zo’n verhaal waar ze naar terug kunnen keren, als ze later groot zijn, dat ze kind van God zijn en telkens overnieuw mogen beginnen bij hem, en dat de liefde nooit opraakt, dat er altijd genoeg is, dat het evangelie, dat Jezus niet voor minder gaat dan dat.

Amen