Logo van de kerk

Overweging in 2021 op 24 januari

Overwegin 24 januari 2021

Lezing 1 Samuel 3: 1-18

Geliefde mensen van God, Gemeente van Christus,  

In het verhaal van vandaag worden twee prachtig tegengestelde personen aan ons voorgesteld, de oude priester Eli en de jonge Samuel, ze zouden niet verschillender kunnen zijn dan hoe het verhaal het ons vandaag vertelt. We kruipen vanmorgen eerst eens in hun huid om te ontdekken waar ze dichtbij onszelf hier en nu komen…

Allereerst is daar Eli, de priester die al een leven lang zijn taak vervult in Gods huis. Hij zegt de gebeden op, hij voert de oude vertrouwde rituelen uit, hij is er voor wie een beroep op hem doet, maar ondertussen zijn Eli’s ogen dof geworden, hij kan bijna niets meer zien, wordt er verteld. Eli is een man van zijn tijd geworden, een tijd waarin het woord van de Eeuwige schaars was en er geen visioenen meer werden gezien. Het lijkt verdacht veel op onze tijd, als je het zo beschrijft. Eli is er nog wel, maar heeft geen dromen meer, geen vergezichten, zelfs tegen zijn eigen zonen kan hij niets meer inbrengen.

En God? Ach, daar heeft Eli al zo lang niets meer van gehoord, hij ziet God nergens meer om zich heen, hij ervaart zijn nabijheid niet meer, het vuur van Eli’s geloof is allang opgebrand. Alles aan Eli is moe en mat.

Maar dan is daar ook Samuel, toevertrouwd onder de hoede van Eli. Jong is hij, open, gespitst op alles wat hij hoort. Alles wat van betekenis zou kunnen zijn, daar stort Samuel zich met volle overgave in, telkens weer springt hij in de benen en rent door de tempel, Hier ben ik, hier ben ik, zegt hij telkens weer, bereid om een weg te zoeken in het leven waar hij als mens van betekenis kan zijn, waar hij iets kan doen. Samuel wil niet slapen, zoals Eli hem zegt, hij wil wakker blijven, met open ogen en open oren door de wereld gaan, zelfs als alles om hem heen donker is, zelfs als de tijden donker zijn. Alles aan Samuel is wakker en levendig, maar vindt hij zijn plek?

Wat wordt aan ons gevraagd…

Eli en Samuel, deze twee daar zo bij elkaar in Gods huis, bij elkaar rondom de Godslamp, dat kleine vlammetje in het donker, ze zetten ons ieder op hun eigen manier aan het denken, over onszelf, over ons eigen leven en geloven en hoe het ervoor staat.

…door Eli?

Een mens als Eli vraagt aan ons: hoe zit het eigenlijk met de vermoeidheid, met de matheid in jouw leven en in je geloof? Welke dingen zijn er in jouw leven die je blik dof maken, waardoor je geen dromen meer hebt, geen vergezichten? Welke dingen doe je op de automatische piloot, omdat ze er nu eenmaal bij horen, maar waarvan je je heimelijk wel eens afvraagt wat voor zin het heeft, waarvoor je het nog doet? En hoe komt het toch dat je soms zo weinig van God ervaart, dat je niet zijn nabijheid voelt en dat God niet tot je spreekt, op welke manier dan ook?

Dit soort vragen stelt Eli aan ons. En voor alle duidelijkheid, Eli kan van alle leeftijden zijn, het kan de vermoeidheid zijn van jonge ouders die zich in deze tijd door weken van thuiswerken, thuisonderwijs en zorgen heen worstelen, maar zich ondertussen afvragen: waar doe ik het eigenlijk voor en hou ik het vol? Het kan de vermoeidheid zijn van de gepensioneerde, die, nu zoveel aan zinvolle tijdsbesteding is weggevallen, zoekt naar betekenis, naar zin in het leven, het kan de vermoeidheid zijn van degene die vanwege kwetsbare gezondheid dag in dag uit thuis moet blijven, maar ondertussen het gevoel heeft dat het leven, werkelijk leven aan hem of haar voorbijgaat.

…door Samuel?

Samuel zet ons op een heel ander spoor, hij spreekt een hele andere kant in ons aan. Samuel ben je, wanneer je je geroepen voelt, wanneer de energie gaat stromen, wanneer het gaat bruisen, de momenten waarop je ervaart: nu kom ik tot mijn recht, dit moet ik doen, hier moet ik zijn, dit is mijn weg.
Welke momenten zijn dat in je leven? Wanneer heb je dat voor het laatst ervaren? Welke dingen, mensen of taken horen daarbij en doe je daar iets mee, of nog iets mee? En ook al zie je dat misschien niet zo duidelijk, hou je er wel eens rekening mee dat het God zelf zou kunnen zijn, die je op dat spoor zet, dat het God zelf zou kunnen zijn die je dan aanmoedigt en tot je spreekt. Ook Samuel kan van alle leeftijden zijn.

Samen God ontdekken

Het mooie en ontroerende van het verhaal is dat er pas wat gaat gebeuren, werkelijk gebeuren, als die twee, Eli en Samuel, met elkaar in gesprek raken, als ze elkaar opzoeken. Er kan iets nieuws beginnen, als die twee kanten in onszelf met elkaar in gesprek raken. Eli en Samuel, ze hebben elkaar nodig om verder te komen, om God te ontdekken in het leven.

Eli had allang niet meer Gods stem gehoord, maar hij weet het nog wel te herkennen wanneer het bij een ander gebeurt, ook al kost het hem eerst wel enige moeite. En hij leert Samuel vervolgens de juiste openheid, de juiste ontvankelijkheid om Gods stem te verstaan in zijn eigen leven. Leg je maar neer en luister, Samuel, ga maar terug naar de plek die jou is gegeven in het leven, daar en nergens anders zal God je opzoeken, daar op je eigen plek mag jij mens zijn zoals God daarvan droomt, daar mag jij je toevertrouwen aan Zijn zorg. Leg je maar neer en luister, wanneer heb je dat eigenlijk voor het laatst gedaan, werkelijk de stilte zoeken om iets van God te vernemen?

Als Eli en Samuel alleen en op zichzelf waren gebleven, als ze elkaar niet hadden opgezocht, dan was het geloof van Eli, net als de Godslamp in het verhaal uitgedoofd en dan had Samuel nooit geweten van God die met hem op weg wil gaan. Maar nu ze met elkaar in gesprek gaan, al zoekend en vragend, ontdekken ze Gods aanwezigheid en gebeurt er iets met hen allebei, beide hebben ze iets te geven in hun ontmoeting. Samuel heeft de wijsheid, de gebeden en oude rituelen van Eli nodig als een bedding waarin hij Gods stem kan leren verstaan, Eli heeft Samuel nodig om het vuur van zijn geloof weer aan te wakkeren en moed te houden dat het zin heeft om te blijven bidden, de lofzang gaan de te houden en te komen in Gods huis.

Wie ben jij op dit moment, nu je dit verhaal luistert, meer Eli of meer Samuel, wie voert bij jou de boventoon? Ben je meer Eli, dof en vermoeid, wie of wat zou voor jou een Samuel kunnen zijn? Ben je meer Samuel, wakker en zoekend, welke bedding heb je nodig om handen en voeten aan dat verlangen te geven? Ze kunnen niet zonder elkaar, deze beide kanten in ons zelf, deze beide types gelovigen.

Wie je ook bent, van deze twee het verhaal vertelt dat God volhoudt ons te “roepen”, hij geeft niet op ons bij onze naam te noemen, ook al horen we het lang niet altijd, leven we eraan voorbij, en herkennen we het zo vaak niet. Toen ik tijdens mijn studieverlof tijdens een traject geestelijke begeleiding gevraagd werd elke dag iets te schrijven waarin ik sporen van God herkende, was ik verbaasd hoeveel ik van God ‘hoorde’, en ik zet dat ‘horen’ tussen aanhalingstekens omdat dat natuurlijk niet letterlijk met een stem ging, maar langs vele wegen van een lied, tot aan de beleving van de natuur, tot aan een gebaar of woord van een ander tegenover mij. Ja, zelfs toen ik dacht op een dood punt te zitten, gebeurde er iets wat uiteindelijk heel betekenisvol was voor mij. En niet dat dit dé manier, de weg is om wat van God te “horen”, het laat zich niet dwingen, bleek wel toen ik een half jaar later opnieuw, toen met een groep, elke dag weer met dezelfde vraag ging schrijven, het wilde toen voor geen meter, waar ik de eerste keer meer Samuel was, was ik de tweede keer veel meer Eli, misschien ook omdat ik te graag wilde, een trucje, een vooraf gestelde verwachting, misschien ook omdat er de rust niet voor was. Maar wat mij hoe dan ook hielp, was de vraag los te laten of iets nu wel of niet van God was, het eindeloos dubben daarover, maar het kleine, het alledaagse, hetgene wat verwondering oproept of openheid, wat een glimlach op je gezicht tovert, of wat je wakker maakt, ja zelfs wat door je vermoeidheid heen breekt, te aanvaarden als een manier waarop God tot je “spreekt “.

Spreek, Heer, ik luister.

Amen