Logo van de kerk
Home / Dominee / Overdenking

Overdenking

Eerder gehouden overwegingen vindt u hier

Overweging 5 juli 2020

Lezing: Psalm 84
Bij de opening van de expositie van Linda Westera, uit Kampen
“Eén zwaluw maakt (nog geen) zomer ”

Geliefde mensen van God

Ieder jaar kwamen ze weer terug, en ieder jaar was dat hoe klein ook tegenover al het grote nieuws, of wat er ook speelde in je eigen leven, iets wat je niet onopgemerkt aan je voorbij kon laten gaan: heb je ze alweer gezien, gehoord dit jaar, de gierzwaluwen? zeiden we dan tegen elkaar. Voorbode van de zomer, en lange warme avonden in de tuin. Een vertrouwd geluid én gezelschap naast je eigen leven dat zich op een steenworp van hen afspeelde, hoe anders ook. Dat was allemaal in onze vorige woonplaats, Wormerveer, waar we naast een oud, lief, monumentaal kerkje woonden en waar de gierzwaluwen ieder jaar terug kwamen om te nestelen onder de dakpannen van dat gebedshuis.

Oftewel, daar in Wormerveer, dat was psalm 84 in actie, na zovele eeuwen levend verbeeld voor onze neus…
de zwaluw vindt een nest,
waarin ze haar jongen neerlegt,
bij uw altaren, Heer van de hemelse machten.

Indrukwekkend alleen al dat ze elk jaar weer terugkeren naar dezelfde plek.

Het is een bijzonder beestje, de zwaluw, en dat zeg ik niet als bioloog, want dat is mijn vak niet, maar meer als iemand die in de aanloop naar vandaag, naar deze dienst heeft zitten lezen, grasduinen en scrollen in allerlei verhalen, mythen en kunstwerken, die er in de loop van de eeuwen zijn ontstaan rondom de zwaluw, van over heel de wereld. Ik was verrast, moet ik zeggen. In allerlei tijden en plaatsen heeft juist de zwaluw, van alle vogels die onze schepping rijk is,  zeer tot de verbeeldingskracht van mensen gesproken en een speciale betekenis gekregen, die aanspoorde tot creativiteit, hoop, verlangen en vergezichten.
Totaal onbewust van zijn eigen aantrekkingskracht is er iets in die sierlijke vogel, dat ons, mensen, aanspreekt, onze ziel beroert en optilt. Alleen al het gegeven dat lange tijd onduidelijk was waar de zwaluw heen trok in de winter, alleen dat al prikkelde eeuwenlang de menselijke verbeeldingskracht. Zo waren er verhalen dat men geloofde dat zwaluwen overwinterden op de bodems van plassen en vijvers, dat ze daar onderdoken, in die donkere duistere wereld onder water, of men stelde zich voor dat de zwaluw vertrok naar een mythische plek, ver weg achter de Melkweg, naar een soort paradijselijke plek waar de zwaluw tot aan de zomer verbleef samen met de zielen van de gestorvenen.

In sommige streken was het openzetten van de deur van de boerderij voor de terugkomst van de zwaluw een plechtig moment in het jaar, reden voor een feest zelfs, met bijbehorende lekkernijen en was het vernielen van een zwaluwnest een doodzonde. Ja, de zwaluw is zelfs één van de meest populaire tatoeages, kwam ik tot ontdekking, dus mocht u daar nog over nadenken…

Prachtige beeldende verhalen die ons niet alleen iets vertellen over de zwaluw, maar ook net zozeer over onszelf, wie we zijn als mensen, waar ons verlangen ligt, wat ons bezighoudt, waar we aan lijden en waar we op hopen, en het mooie is hoe verschillend we ook zijn, hoe de tijden ook verschillen door de eeuwen heen, hoe er toch ook zo veel hetzelfde in te ontdekken valt, zoals in dat beeld van de zwaluw, hoe dat altijd en overal is verbeeld en nog steeds ons aanspreekt.

Hoe kwam jij erbij om met zwaluwen bezig te gaan, vroeg ik Linda Westera deze week, onze kunstenares die vanaf vandaag in onze kerk exposeert en ze vertelde me hoe ze in 2014 in de periode dat haar moeder ziek was en overleed intensief bezig was geweest met vergankelijkheid. Twee jaar lang werkte ze aan hele grote tekeningen van tulpen en andere bloemen die aan het verwelken waren om zo het proces van het verwelken van schoonheid te laten zien.

Ze maakte haar moeder er deelgenoot van en toen die haar vroeg, wat het volgende thema zou zijn, reageerde Linda spontaan met: zwaluwen! Na de vergankelijkheid zocht ze weer leven, beweging en speelsheid voor in haar atelier. En ergens ook troost, vermoed ik, een kracht die je optilt boven alles wat voorbij gaat. De zwaluw als levenskracht die ver uitgaat boven alles wat ons terneerdrukt.

In 2015 overleed Jaap Zijlstra, dominee, dichter, liedschrijver én groot liefhebber van vogels, ze komen in veel van zijn gedichten en liederen terug. Ons eerste lied van vanmorgen was van hem, als ook dat gedicht over de zwaluw, dat we net lazen. Zijn liefde voor vogels verbindt hij met zijn liefde voor, zijn zoektocht naar, zijn poging onder woorden te brengen van wat geloven is, of wat geloven kan zijn voor een mens.
In dat gedicht De zwaluw beschouwt hij met een mengeling van bewondering, jaloezie en het besef van onbereikbaarheid de capriolen van de zwaluw, hij, aardeling zijnde, die met beide benen op de grond staat. Als een ware dichter, zo zegt Zijlstra, schrijft de zwaluw zijn tekens aan het firmament. Hij behoort tot onze wereld, ja komt zelfs ons heel nabij, maar heeft als trekvogel ook een ander thuis. Hij nestelt in het huis van onze gebeden maar kent ook het land voorbij de horizon.

Is hij in onze dreven thuis,
Nestelend in ons bedehuis,
hij kent de lokroep van een land
gelegen aan de overkant

'Bevlogen van een vergezicht' noemt Zijlstra dat treffend. Zo is de zwaluw… levend wezen, schepsel van God, heen en weer getrokken tussen twee werelden, twee werkelijkheden, het aardse, het vertrouwde, dat wat staat als een huis, fundament geeft en onderdak en tegelijkertijd de onrust naar meer dan dat, naar verlangen dat daar boven uit stijgt, naar wat een vergezicht geeft aan het ongedachte.

Voelt u, merkt u hoe dat gaat resoneren bij u zelf, Of in elk geval bij mij, hoe precies dát gaat over wat geloven is, over wat “als van God ” ervaren wordt in onszelf, geloven is dan niet een robuuste stellingname, een rationeel veroverde overtuiging, of een na te volgen argumentatie, maar eerder ruimte geven als mens aan die dubbele inborst, die leeft in onszelf, die zuigkracht van twee werkelijkheden, en de ene niet willen opgeven ten koste van de andere, over en weer niet.

Daarom vond ik juist de verbinding tussen die twee periodes die Linda beschreef in haar verhaal over haar werk zo mooi, intens de vergankelijkheid aan den lijve ervaren, daar niet voor weglopen en tegelijkertijd de hoop op wat daar bovenuit stijgt niet verliezen, ja, het een komt misschien wel uit het andere voort, als een heen en weer pendelende beweging, je hebt vleugels nodig om op te drijven en een been om op te staan, zo zongen we in alle nuchterheid in dat lied van Eppie Dam. Dat heb je nodig…vleugels om te drijven, een been om op te staan…

Geloven wordt zo een weg van openheid, van luisteren naar elkaar, elkaar aanspreken op diepste verlangens. Wat klinkt er voor jou door in die lokroep van de overkant, welk vergezicht geeft jouw vleugels? En hoe en waar kunnen we dat een onderdak geven, daar de deur voor open doen als voor die zwaluw, die telkens weer aanklopt bij onze huizen hoe geven we dat een plek in deze wereld, waar kan dat zich nestelen, nieuw leven voortbrengen, heel dichtbij ons, tot in ons eigen huis.
Waar mensen zich zo met elkaar verbinden, daar komt, daar is God nabij.

De mooiste zin uit onze psalm van vanmorgen vind ik voor deze keer, met het beeld van de zwaluw voor ogen, de volgende:
Gelukkig de mensen die bij U, God,
hun toevlucht zoeken met in hun hart wegen naar U.

Mensen met in hun hart wegen naar God, telkens weer. Volgens mij zijn er heel veel mensen met in hun hart wegen naar God, ja, eerlijk gezegd, denk ik, ieder mens, ook al benoemen we het allemaal weer anders, die wegen in ons hart naar God. Niemand voelt zich werkelijk thuis bij platheid, bij een leven zonder geheim, allemaal hebben we wegen in ons hart naar God. Voor de één is het zoeken naar schoonheid, voor de ander naar de ziel, de zin van het leven, voor een derde het zoeken naar wat het houdt, wat blijft in alles wat voorbij gaat.
Gelukkig de mensen die bij U, God,
hun toevlucht zoeken met in hun hart wegen naar U.

Er spreekt zoiets uit als: hoe ver je ook je vleugels uitslaat en dat mag, ja dat moet zelfs, het hebreeuwse woord voor zwaluw heeft te maken met vrijheid, met vrij laten. Er is ook altijd weer een plek waar je terug mag komen, waar je thuis mag komen, waar je op mag laden, tot bezinning mag komen. Oftewel, waar je onder de pannen bent.
En dan zijn we weer bij die gierzwaluwen in Wormerveer.

Amen